De Nijverheid


Scheepswerf ‘De Nijverheid’ werd opgericht in 1835 en gevestigd op een terrein, direct aan de Nieuwe Maas gelegen, in die tijd bekend als Galgoord. Het was een initiatief van de kort daarvoor opgerichte ‘Schiedamse Scheepsreederij’ waarin enige honderden Schiedammers geld in hadden gestoken door daarvan één of meer aandelen te kopen. Niet alleen Schiedammers staken er geld in. Het dagblad ‘De Bredasche Courant’ wist op 15 maart 1835 te melden dat Z.M. Koning Willen II een gift verleende van ƒ 20.000,- om het oprichten van de werf in Schiedam mogelijk te maken. De belangrijkste mannen van de nieuwe onderneming waren de burgemeester van Schiedam Jan Loopuyt (1761-1846) als president en Hendrik Willem Roelants (1796-1880) als uitvoerend directeur.

De bouw van een loods annex woonhuis (1 gebouw) op de nieuwe werf werd in 1835 uitbesteed tijdens een openbare aanbesteding.  Op 31 juli 1835 werd de nieuwe werf ‘De Nijverheid’ feestelijk geopend. Bij die gelegenheid wordt de kiel gelegd van het eerste te bouwen schip, het fregat ‘Stad Schiedam’.  De eerste spijker werd geslagen door de burgemeester, de heer J. Loopuyt. ‘De Nijverheid’ bouwde in de jaren 1836 tot en met 1875 gemiddeld meer dan één schip per jaar. Het eerste was zoals eerder vermeld een fregat van ruim 800 ton dat de toepasselijke naam “De Stad Schiedam” kreeg. Het schip werd voor rekening en gebruik van de ‘Schiedamsche Scheepsreederij’ gebouwd door de vanuit Dordrecht aangetrokken scheepsbouwmeesters van de scheepswerf ‘De Merwede’ de gebroeders Gips. De bouwmeester in Schiedam wordt Dingeman Gips.

In 1852 huurde de werf van de Gemeente Schiedam een gedeelte van de Zomerkade op het terrein Galgoord voor uitbreiding van de faciliteiten. In september 1853 werd een gloednieuwe nieuwe sleephelling in gebruik genomen. Daar werd goed gebruik van gemaakt getuige het aantal schepen (10) dat in 5 maanden tijd de helling werd opgesleept voor onderhoud en reparatie.

Het laatste schip dat in de “normale” reeks tewaterlatingen in 1867 van de helling gleed was een klipper-fregat voor rekening van opdrachtgever Ary Prins & Co. Het werd “Schiedam” gedoopt. Het bedrijf zat toen al wel met problemen, want toen men in 1866, een jaar eerder dus, met de bouw van de bark “Bima” van 416 ton was begonnen, duurde het heel lang voordat dit schip het ruime sop kon kiezen. Het bleef namelijk negen jaar onafgewerkt en onverkocht op de scheepshelling liggen. Tenslotte werd het in 1875 afgebouwd en aan de firma Bonke & Co. in Rotterdam verkocht. Dit was overigens een firma, die al meerdere schepen door de Nijverheid had laten bouwen in de jaren tussen 1836 en 1867. In die periode werden er, volgens onze waarneming,  in totaal eenenveertig schepen gebouwd, waaronder vele Oost-Indiëvaarders. Zestien schepen werden gebouwd voor de Schiedamse rederij De Groot Roelants & Co met de firmanten H.W. Roelants, A. de Groot en A. Knappert, bekende namen in Schiedam.

De verkoop van de “Bima” betekende tevens het definitieve einde van werf ‘De Nijverheid’. De oorzaken lagen hoofdzakelijk in de behoudende politiek van de branders in de stadsregering en, vooral, doordat de bouwmeesters verzuimden zich aan te passen aan het stoom- en ijzertijdperk. De overgang van de houten naar de ijzeren scheepsbouw was de leiding kennelijk teveel. Zo kwam er een eind aan een bedrijf dat voor de economie van Schiedam zo belangrijk was. 

De sleephelling van de ‘De Nijverheid’ werd daarna door de gemeente verhuurd aan de firma Van Schie, Annokkee en Van Zoelen. Die bouwde onder leiding van W.H.C. Jansen nota bene wèl ijzeren schepen. In 1881 verkoos de eerste stoomsleepboot “Mentor IV” het brakke water van de Nieuwe Maas. De gemeente wilde echter een hogere pachtsom en in 1887 werd Van Schie gedwongen op te krassen. Daarna probeerden de Belgen E. en H. Cuylits een grote scheepswerf op de plek te beginnen. Dat lukte echter niet en in 1891 viel voor hen het doek. Het terrein kwam braak te liggen en werd jaren later gekocht door Werf Gusto.

Headerfoto: Beeldbank Schiedam / model van de bark ‘Soloo’ gebouwd in 1843
Foto: Beeldbank Schiedam / fotograaf: J. van Diggelen
bronnen: VerhalenWiki/Delpher.nl/Marhisdata.nl/Scyedam nr. 2 2004/Gemeentearchief Schiedam


Scheepsbouwmuseum.nl 2021

Laatst bijgewerkt op: 1 september 2021